Soms verlang ik ernaar terug, naar de heftige periode direct na het verlies van onze kindjes.

Begrijp me niet verkeerd: ik gun het niemand. Ik zou met heel mijn hart willen dat er alleen maar gezonde kindjes worden geboren bij een normale zwangerschapsduur….

Maar wat ik mis is de helderheid, de intensiteit. De focus. De liefde voor onze kindjes die zó sterk voelbaar was. Met name toen we afscheid namen van Lieve, we namen afscheid voor twee. Alles wat we deden, deden we voor haar, en ons gevoel voor haar. En met terugwerkende kracht mocht ons kleine spruitje er ook zijn. Twee zieltjes. Dubbele liefde.

Het zijn ingegrifte herinneringen. Hoe dichtbij Lieve voelde, ook toen we haar in het ziekenhuis achtergelaten hadden. Ze zou samen met andere (hele kleine) kindjes gecremeerd worden. Hoe we de envelopjes voor het geboorte/rouwkaartje schreven, mensen belden. Er bloemen kwamen en kaarten, heel veel kaarten.

Hoe dichtbij ze ook was, toen ze die avond in het ziekenhuis op m’n hand lag. Zo klein en zo af met haar 14,5 weken. Een klein dekentje. Anders zou ze het maar koud hebben. De liefde zo tastbaar. Thuis keek ik steeds naar de foto’s op mijn telefoon. Zoomde in op haar kleine lijfje. Toen was ze al weg, maar toch dichtbij.

Hoe we twee weken na haar geboorte belden met de patholoog-anatoom in het ziekenhuis. Was ze nog daar, of al gecremeerd? Hoe we de eerste keer naar het uitstrooiveld gingen. Hoe we haar konden herinneren.

Wat ik niet mis, is het genadeloos zware gevoel in de periode na het verlies. Het besef dat ze echt weg was, het steeds verder landen van dit besef. De heftige huilbuien, die ik ook niet altijd de ruimte durfde te geven. Bang om “erin te blijven”.  Toch wist ik dat voelen, echt voelen, de weg was. Steeds even de deksel van de emmer om er wat verdriet uit te laten.

Dus zat ik op een bankje naast het uitstrooiveld. Schreef, fotografeerde. Maakte ruimte voor rouw. Letterlijk. Keek naar de lucht, ademde diep in en uit. Hm… Geen tranen. Niet op afroep. Maar bij een willekeurig mooi nummer in de auto wel. Of bij iets aandoenlijks op televisie. Op de wc op m’n werk. Bij mensen die mijn verdriet konden horen en er laten zijn. Bij wie ik niet zelf in de “zorg-modus” ging om hen te beschermen voor ongemak.

In de loop van de tijd kwam het leven weer voorop te staan, kon het meer aandacht krijgen dan de rouw. Maar ik mis het soms wel, want in die rouw was de noodzaak groter om iets te doen met ons gevoel. Er uiting aan te geven. Het verdriet en de liefde liepen hand in hand.

Het verdriet is gelukkig allang geen dagtaak meer, en de liefde mag nu op een andere manier ruimte krijgen. Dat is denk ik waar ik naar zoek. Mijn hart barst van de liefde. Maar ik kan die twee kleine zieltjes niet meer zo dichtbij voelen na al die verstreken tijd. Dat maakt het gemis extra voelbaar. En dan zijn er toch weer even tranen.

Recht doen aan al mijn kinderen, dat blijft belangrijk. Als ik langs het uitstrooiveld rij met de bus of de auto, geef ik een luchtkus. Ik schrijf nog meer dan vroeger, ik coach, ik heb lief. Ook hen. Allemaal anders, allemaal uniek.

Herken je het dat je je gevoel de ruimte wil geven, en dat je zoekt naar een manier om dat te doen?

Je kunt gratis mijn E-book downloaden, er staan een aantal manieren in die mij geholpen hebben (en nog steeds helpen). 

Liefs, Elisabeth