Vanochtend keek ik naar de maan. Oud vertrouwd. Net niet vol.

En bedacht me dat die gewoon weer richting halve en nieuwe maan gaat. Zoals elke 4 weken.
Ondanks alle aandacht dit weekend voor de “Rodewolfbloedmaan”. Niks verder groeien…

Een beetje flauwe metafoor misschien, maar ik kies hem bewust. We vechten er zo vaak tegen. Tegen de loop der dingen, onze eigen natuur, met name wanneer het voor ons negatieve gevoelens en gedachten zijn.

En wat piekeren betreft snap ik het hoor, die overtuiging dat als je het alleen maar meer aandacht geeft, het er niet beter op wordt. Je in kringetjes draait. Vaak is de uitspraak (en ook het piekeren) gekleurd door hoe graag men controle wil over de dingen.

Dan lijkt wegduwen (“o zo mag ik niet denken”) beter dan eraan vasthouden. Misschien voel je angst dat het ander nooit meer overgaat. Het piekeren, de zorgen, je verdriet. Straks blijf ik erin. En dan zeggen ze ook nog dat je het geen aandacht moet geven.

Ik zeg: Het is er al, en die aandacht is goed. Dat heet bewustzijn.

En het kan ook samen. Bewust aandacht geven. Voelen welke emotie ermee samenhangt, met dat piekeren. Bewust worden wat je echte onderliggende behoeftes en gevoelens zijn. En daar recht aan doen.

Keuzes maken waar nodig. Jezelf uiten. Dat helpt om de emotie en gedachten weer te kunnen laten stromen.

Dat gaat verder dan aandacht, maar begint er wel mee.

Dus ik zeg liever: Wat je aandacht geeft, geeft je ruimte.

Ruimte voor zelfzorg.

Liefs, Elisabeth